Sterker door
Transparantie
Bedrijven moeten zich beperken tot de geves-
tigde keurmerken

Eco-labels

De tweede categorie is ‘eco-labels’: het gebruik van milieugerelateerde keurmerken op producten. Bij eco-labels is meestal ook sprake van certificering door externe partijen, maar in tegenstelling tot ISO-certificaten worden eco-labels gebruikt voor proactieve communicatie, meestal op de verpakking van fysieke producten, en gericht op eindconsumenten in plaats van zakelijke klanten.

Bedrijven die overwegen om gebruik te maken van eco-labels, moeten goed de verwachte voordelen afwegen tegen de kosten van certificering, en de mogelijke communicatie-risico's. Veel consumenten hebben beperkte kennis van duurzaamheid, en zijn kritisch ten aanzien van groene claims. De laatste jaren zijn er veel nieuwe groene keurmerken bijgekomen, waardoor men door de bomen het bos niet meer ziet. Eco-labels staan nog redelijk in de kinderschoenen. In de komende jaren zal het kaf van het koren worden gescheiden, en uiteindelijk zal waarschijnlijk maar een handvol betrouwbare keurmerken overblijven.

In de tussentijd kunnen bedrijven zich beter beperken tot de gevestigde keurmerken, die als betrouwbaar worden gezien, en waarvan de betekenis duidelijk en ondubbelzinnig is. Deze keurmerken vereenvoudigen de besluitvorming en sterken consumenten in hun aankoopbeslissing, terwijl de minder bekende keurmerken juist twijfel kunnen zaaien.Leidende eco-labels

Zelfs de leidende keurmerken zijn niet onomstreden. Zo zijn sommige wetenschappers kritisch op het inmiddels redelijk bekende MSC-keurmerk voor duurzame vis, en wordt in twijfel getrokken of dit keurmerk daadwerkelijk bijdraagt aan verduurzaming van de visserij en verbetering van de visstanden. Bedrijven doen er goed aan om dit soort discussies actief te volgen, om tijdig actie te kunnen ondernemen wanneer de geloofwaardigheid van een bepaald keurmerk in het geding komt.

Informatie-gerichte Eco-labels
Bepaalde eco-labels geven niet zozeer aan of aan een norm wordt voldaan, maar verschaffen specifieke informatie over de milieubelasting van een product. Een goed voorbeeld is de product carbon footprint (PCF), een berekening van de CO2-uitstoot van een product (zie het meest rechtse logo in de afbeelding hierboven). De afgelopen jaren zijn diverse methoden en normen ontwikkeld om een PCF te berekenen, en vervolgens toegepast op honderden producten, zowel door producenten als retailers, zoals Tesco in het Verenigd Koninkrijk. Echter, het berekenen van een PCF is complex, tijdrovend en duur, terwijl de uitkomsten moeilijk te communiceren zijn richting consumenten. Daarom wordt het gebruik van PCFs op dit moment door Tesco en andere organisaties geëvalueerd en mogelijk heroverwogen.

Een tweede voorbeeld is de 'Environmental Product Declaration' (EPD). Een EPD is te vergelijken met de voedingsinformatie op het etiket van levensmiddelen, maar dan gericht op gedetailleerde informatie over de milieu-effecten van een product. Terwijl een PCF zich beperkt tot de CO2-uitstoot, verschaft een EPD informatie over diverse milieu-effecten, zoals vervuiling van water en lucht, de hoeveelheid afval, en het energie- en waterverbruik.